Naar Griekenland – II

Het ontstaan van Dawar

Gisteren blogde ik over bescheiden wensen die door blijven groeien. Op die manier is ook mijn nieuwe boek “Dawar” ontstaan. In Griekenland zijn er namelijk heel veel vluchtelingen die Farsi spreken. Deze vluchtelingen zitten vaak samen met Syrische vluchtelingen in opvangtehuizen of kampen. Nou kun je natuurlijk niet een Syrische vluchteling een Arabische “Jamil & Jamila” geven en een Afghaanse of Iraanse vluchteling niets.
Dat zou dus betekenen dat er heel veel tehuizen zouden afvallen. Dat we met lege handen zouden komen op plaatsen waar alleen Afghaanse/Iraanse vluchtelingen wonen. Dat wilde ik niet.
Mijn eerste idee was dat ik een kort verhaal zou proberen te schrijven. Ik dook in de achtergronden van deze vluchtelingengroep en werd geraakt. Diep geraakt.
Zou dit verhaal misschien toch een boek kunnen worden? In zo’n korte tijd? Een geïllustreerd, in het Farsi vertaald boek? Het leek me onwaarschijnlijk. Maar ik wilde zo graag. Ik dacht aan een motto van Pippi Langkous en stortte me erin.Plaatje-pippi-langkous

Waarheidsgetrouw

Natuurlijk had ik het alleen nooit gered. Bruno Tersago was een grote hulp. Ik kon allerlei praktische zaken aan hem vragen (Van: “Hoe zit het met vakken en schooltijden op Griekse basisscholen?” tot “Vertel eens iets meer over Malakasa dan ik in de media kan vinden.”) Dankzij deze informatie kon ik een verhaal schrijven dat overeenkomt met de feiten.

En nu?

Na schrijven, schrappen, wakker liggen en lange wandelingen om mijn hoofd leeg te maken, nadat Ellen Singer en Leandra Zoulfoukaridis de beginhoofdstukken hadden gelezen en enthousiast waren, begon ik erin te geloven: het zou een heus boekje gaan worden.
En daarmee kwamen de volgende stappen: Hoe kwamen we aan een illustrator? En aan een vertaler? De tijd ging namelijk echt dringen.

Illustrator Gerda Wierda, tevens juf in een nieuwkomersklas op een basisschool, nam de uitdaging op zich en maakte prachtige tekeningen voor “Dawar”. mailenDe Griekse Katerina en de Nederlandse Storm zijn met elkaar aan het mailen.

Het vinden van een vertaler op zo’n korte termijn bleek zeer moeilijk, maar gelukkig vond ik Farangis Dawoody bereid om náást haar werk deze klus op zich te nemen. Ondertussen deed Leandra – even tussen alles wat ze voor de reis regelt door – de eindredactie van de Nederlandse “Dawar”.
Volgens mij hebben we allemaal slapeloze nachten gehad. Zeker arme Ellen die de DTP op zich had genomen …
Maar “Dawar” is geboren en ik ben er dolblij mee.

Op deze plaats nogmaals: iedereen, ook degenen die spontaan t.b.v. de drukkosten hebben gedoneerd, heel hartelijk dank!

We gaan vele kinderen gelukkig maken.